Hof van assisen
Er is één hof van assisen per provincie en één voor het administratief arrondissement van Brussel-Hoofdstad; dat geeft een totaal van elf. Het hof van assisen van Vlaams-Brabant is gevestigd in Leuven, dat van Waals-Brabant in Nijvel.
Het hof van assisen onderscheidt zich van de andere strafgerechten door zijn niet-permanente aard. Het moet voor elke zaak specifiek worden samengesteld.
Een hof van assisen omvat drie beroepsmagistraten (de eerste voorzitter, die een lid is van het hof van beroep, en twee assessoren of bijzitters, die lid zijn van de rechtbank van eerste aanleg) en een
jury van twaalf burgers, ook
gezworenen genoemd. Eventueel worden er ook één tot twaalf plaatsvervangende juryleden opgeroepen als reserve. De juryleden worden bij lottrekking gerekruteerd uit de lokale stemgerechtigde burgers in de leeftijdscategorie tussen dertig en zestig jaar. Zitting hebben in een jury is een burgerplicht waaraan men slechts kan ontkomen met een ernstige reden; verzuim kan een boete tot 500 euro tot gevolg hebben. Een jurylid krijgt een dagvergoeding van 21 euro. Een gewoon assisenproces duurt doorgaans enkele dagen.
De zetel van het openbaar ministerie wordt ingenomen door een magistraat van het parket-generaal of van het parket van de procureur des konings die door de procureur-generaal bij het hof van beroep is aangeduid.
Het hof van assisen is bevoegd voor de berechting van
misdaden, althans wanneer ze
niet gecorrectionaliseerd zijn. Voorbeelden zijn (poging tot) moord, doodslag of gijzeling. Het is bovendien bevoegd voor
politieke misdrijven (strafbare feiten die de normale werking van de politieke instellingen verstoren) en
drukpersmisdrijven (strafbare meningsuitingen gepleegd via de pers),
behalve die ingegeven door racisme of xenofobie (
zie verder Deel 2, Hoofdstuk 1).
Het hof van assisen is ook bevoegd voor
misdaden van internationaal recht, dat zijn misdaden van genocide, misdaden tegen de menselijkheid (zoals omschreven in het statuut van het Internationaal Strafgerechtshof) en oorlogsmisdaden (Conventies van Genève). Deze ernstige schendingen van het internationaal humanitair recht kunnen dus in België worden berecht, maar onder bepaalde voorwaarden die in de - recent herziene - wet op de
'universele bevoegdheid' nader worden omschreven.
Tegen een arrest van het hof van assisen kan geen hoger beroep worden ingesteld. Alleen een voorziening in cassatie is mogelijk wegens procedurefouten of een slechte toepassing of uitlegging van de wet.
Goed om weten
MISDADEN TEGEN DE MENSELIJKHEID EN DE WET OP DE 'UNIVERSELE BEVOEGDHEID'
De wet op de 'universele bevoegdheid' werd sterk ingeperkt in 2003 als gevolg van druk van de internationale gemeenschap. Vóór deze datum waren de Belgische rechtbanken bevoegd om oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en van genocide te berechten, ongeacht de plaats op de wereld waar zij werden begaan en ongeacht de nationaliteit van daders of slachtoffers. Er was bovendien vervolging mogelijk tegen iemand die genoot van onschendbaarheid verbonden aan zijn officiële hoedanigheid.
De nieuwe wet beperkt de bevoegdheden van de Belgische rechtbanken. Voortaan is vervolging enkel nog mogelijk indien de zaak een band met België heeft. Het recht om een procedure in te leiden wordt voorbehouden aan Belgen of aan vreemdelingen die op de datum van de misdaad sinds ten minste drie jaar in het land verblijven.
De staatsleiders en hun regeringsleiders en ministers van Buitenlandse Zaken kunnen niet langer worden vervolgd tijdens de periode waarin ze hun mandaten uitoefenen. Dit geldt ook voor personen die volgens het internationaal recht onschendbaar zijn.
Klachten worden altijd eerst beoordeeld door de federale procureur, die als enige vervolging, inclusief een gerechtelijk onderzoek, kan instellen. Indien de federale procureur een zaak seponeert, brengt de minister van Justitie het Internationaal Strafgerechtshof van de feiten op de hoogte. De beslissingen van de federale procureur zijn niet vatbaar voor beroep.