|
Beroepsmiddelen
De procespartijen hebben, naargelang van het geval, de mogelijkheid om verzet of hoger beroep aan te tekenen of in cassatie te gaan tegen een uitspraak van een rechtbank. In strafzaken heeft men daarvoor slechts vijftien dagen tijd. Gaat alleen de veroordeelde in beroep, dan kan de straf nooit zwaarder zijn dan in eerste aanleg; de situatie van de appellant kan met andere woorden nooit worden verergerd door zijn beroep alleen. Doorgaans zal het parket echter 'volgen' wanneer de veroordeelde hoger beroep aantekent, en dan kan de straf wel nog zwaarder worden. Een burgerlijke partij kan enkel hoger beroep aantekenen tegen de beschikking van de rechtbank over de schadevergoeding, niet tegen de straf die de rechter aan de veroordeelde heeft opgelegd. Wel kan ze hoger beroep aantekenen tegen een vrijspraak, aangezien zo'n uitspraak ook haar burgerrechtelijke belangen schaadt.
|