De instanties voor zelfreguleringIn 1995 heeft de AVBB in zijn schoot de
Raad voor Deontologie en, als beroepsinstantie, het
College voor Deontologie opgericht. Zij dienden bij betwistingen toe te zien op de naleving van de deontologische principes uit de twee genoemde codes. In de periode 1995-2002 heeft de Raad een honderdtal adviezen afgeleverd, op vraag van belanghebbende particulieren of op initiatief van het bureau van de AVBB.
Wegens de toename van het aantal klachten, het gebrek aan zichtbaarheid van de Raad en zijn adviezen, de afwezigheid van mediaverantwoordelijken (hoofdredacteuren en directies) en van het publiek, en de nood aan professionalisering van de activiteiten, heeft de AVBB eind 2000 een ruime discussie opgezet over de zelfreguleringsproblematiek.
Aan Nederlandstalige kant is dit uitgemond in de oprichting van een
Raad voor de Journalistiek, die werkzaam is sinds december 2002. Deze instantie is opgericht en wordt beheerd door de Vereniging van Vlaamse Beroepsjournalisten (VVJ), de Vereniging van Journalisten van de Periodieke Pers (VJPP) en vertegenwoordigers van de directies van de Vlaamse media. Naast journalisten, zijn dus ook kranten- of tijdschriftenuitgevers vertegenwoordigd, samen met verantwoordelijken van de audiovisuele media. Zij maken elk één derde uit van het ledenbestand van de Raad. Het resterende derde omvat 'externen': personen die min of meer gespecialiseerd zijn in mediakwesties maar toch niet zelf verbonden zijn aan een specifiek medium. Het gaat onder andere om universiteitsprofessoren, advocaten en magistraten.
De Raad voor de Journalistiek beantwoordt klachten en vragen om advies of bemiddeling met betrekking tot de Vlaamse media. Een ombudsman fungeert als eerste aanspreekpunt en tracht de conflicten zo veel mogelijk minnelijk te regelen. De journalistenvereniging VVJ kan een beroep doen op financiële steun van de Vlaamse Gemeenschap voor de helft van het budget. De uitgevers dragen de andere helft van de uitgaven, in verhouding tot het aantal beroepsjournalisten dat ze in dienst hebben.
Aan Franstalige kant hebben de Association des Journalistes Professionels (AJP) en de Franstalige dagbladuitgevers (Journaux Francophones Belges - JFB) een gemeenschappelijke verklaring opgesteld, die ook hun wil uitdrukt om een ‘raad voor de journalistiek’ op te richten. Graag zouden ze ook andere actoren bij het project betrekken: uitgevers en journalisten van de gespecialiseerde of periodieke pers, de verantwoordelijken van de private en openbare audiovisuele sector, de hoofdredacteuren. In januari 2002 hebben de Franstalige dagbladuitgevers zich echter teruggetrokken uit het project, als gevolg van de weigering van het college van hoofdredacteuren en de tv-omroepen om deel te nemen. De hoofdredacteuren zijn van mening dat zij de voornaamste verantwoordelijken zijn inzake deontologie. Ook de financiering met overheidsmiddelen komt er voorlopig niet. De besprekingen liepen hierop vast. Niettemin hebben verwikkelingen rond het proces-Dutroux de diverse actoren er intussen toe gebracht de discussie weer te heropenen.
Raad voor de Journalistiek Résidence Palace, Wetstraat 155, 3e verdieping 3/2171040 BrusselTel.: + 32 2 230 27 17 Fax: + 32 2 230 36 88E-mail: info@rvdj.behttp://www.rvdj.be